|

Blikken op de Bosbaan

Verschillende mensen hadden een goed voorgevoel wat betreft de ARB, voor ons begon deze toch op een wat meer nuchtere maag. Zoals bij de Heineken konden we ook dit weekend weer lekker vertoeven bij de neef van Sas, waarvoor nogmaals bedankt! Met de tentamenstress achter de rug en een lekker zonnetje op de Bosbaan leek het een goed begin van een mooi weekend, en zo bleken de resultaten.

Voor de 4- was het een goed vroeg weekend, wederom hadden wij de eer om zowel zaterdag als zondag in het eerste blok te starten, superjoepie! Zaterdagochtend hebben we niet gedaan wat we moesten doen en konden doen, in een relatief makkelijke voorwedstrijd durfden we nog niet te vertrouwen op de technische stappen die we na de Hollandia gezet hebben en alleen maar volle bak te gaan. Geen A-finale en minder sterke ploegen die voor ons finishen, auw dit doet pijn. In de B-finale hebben we een stap in de goede richting gezet en kwamen we dichterbij ons eigen ding. Voor het DN4- veld op zondag was er een hele duidelijke opdracht: we moeten verder dan we ooit gegaan zijn vanaf haal 1, Aegir en Skadi denken dat ze ons binnen hebben, NO WAY. Wij waren klaar voor een verrassingsaanval uit Maastricht. Tactiek was (verrassend genoeg) de start uit te vliegen als nooit tevoren en ons puntje ervoor te leggen. In deze race hebben we zelf gemerkt wat voor spelletje er gespeeld wordt: vanaf de 500m lagen we voor Skadi en die was gezien, maar we lagen 2 sec achter Aegir. Wij hielpen ze vooruit en wij kregen het niet voor elkaar om met een killer eroverheen te stomen. Voor de A-finale was het dus duidelijk: kamikaze acties in die eerste 500m en dan doortrekken. Dit ging helaas anders dat we wilden, we moesten toch weer over op de inhaalacties en finishten als derde. Dit weekend hebben we gezien dat wat we geleerd hebben écht wel voldoende blijft staan in een race en we hard gaan werken aan onze eerste 500m. Inmiddels is het een aantal dagen voor de Martini en hebben we dit gedaan. Onze technische stap in ontspanning en controle staat, daar vertrouwen we op en na een flink aantal 500 meters gevaren te hebben gaan we de start uit knallen!

Voor de 2- was het een weekend van twee nieuwe ervaringen, eentje die niet voor herhaling vatbaar is en een die zeker(!) voor herhaling vatbaar is. Te beginnen met het DO2- veld op zaterdag was dit niet een top dag. Ondanks dat wij wel lekker lang in ons bed konden blijven liggen, had dit weinig resultaat. Het oproeien ging wel prima, maar de start miste vuur en de halen door lef. Ondanks dat we qua ploegen een goede (maar zeker niet makkelijke) voorwedstrijd hadden, misten we toch de belangrijkste ingrediënten om te vlammen en daarmee die finale plek te bemachtigen. Dit was voor ons de eerste keer dat we geen A-finale zouden varen, en daarmee was deze dag voor ons eigenlijk al ten einde. Wel hebben we van deze zonovergoten dag gebruik gemaakt om de andere ploegen over de finish te schreeuwen, waaronder onze 4- (eindelijk hebben we jullie een keer zien shinen!), wat deze dag toch nog tot een beter einde bracht.

De zondag, een nieuwe dag en nieuwe kansen. Dit was de dag van het DN2- veld, wat toch meer voelt als ‘ons’ veld. Ook wij moesten wat vroeger uit de veren voor onze voorwedstrijd. We lagen net zoals de dag ervoor met onze beruchte tegenstander Argo en de instapboot van Triton in de voorwedstrijd. Beide hadden ons verslagen op de zaterdag, maar het was tijd om vooral met Argo dat appeltje te schillen (dat er al is sinds Gent). De voorwedstrijd ging beter dan op de zaterdag, maar ontbrak nog steeds die felheid. Je kan nou denken, jaja, doe het nou gewoon als dat elke keer ontbreekt. Nou dat hadden wij ook. De opdracht uit de nabespreking was duidelijk: “Die eerste 250m in de finale gaat hárd (!), die 250m lijn is van jullie”. Vervolgens kregen we te horen dat Vidar in de andere voorwedstrijd als eerste over de finish was gekomen, doordat ze raceten met de instelling “wij gaan dit doen”. Even als kanttekening voor de mensen die dit niet weten: Vidar, beter bekend bij ons als “de-Vidar-bitches”, ligt bij ons niet zo lekker. Dus dit nieuwtje viel niet helemaal in goede aard, maar wel met een positief resultaat: “als zij dat kunnen dan kunnen wij het al helemaal”. Klaar met geneuzel, aanmodderen en op die ‘nèt-niet-grens’ zitten, The. Game. Is. On. Normaal gesproken zou ik zeggen, deze motivatie zou van een interne bron moeten komen en niet van een externe, maar in dit geval zeg ik “wat werkt, dat werkt”. De voorbereiding voor de A-finale ging dan ook als volgt:
Lana: “Laar dat je het alvast even weet, wij gaan straks winnen”.
Lara: “Fijn dat je het nu zegt dan kan ik er alvast even aan wennen”.
Met ons peloton (de 4- en Gemma) naast ons op de kant, lagen we aan de start. Alleen maar denkend aan die eerste 250m hard, harder, benen, benen, benen. “Saurus, …, …, opgelet..! *GO*. De eerste 5 start halen gingen lekker, het gebrul aan onze rechter zijde barste los, en die 20 kneiter harde halen eroverheen waren hard! Alleen maar bouwen, bouwen, bouwen, en wij gingen als eerste die 250m lijn over. Oké opdracht uitgevoerd, check! Nu dóór, de 500m lijn. Holy shit, we liggen nog steeds voor! Okeanos in de baan naast ons had het zwaar (maar non-de-ju wij ook). Argo lag naast ons, maar wij lagen een tafje voor en ook Triton waren we ook nog niet kwijt. De 750m, we liggen nog steeds voor! Graag zou ik willen zeggen dat ik hierdoor rustig bleef, maar ik denk dat mijn hartslag een nieuw plafond bereikte door het idee dit onze race ging worden. Op de 1000m knalden we er een opzetje over heen en op de 1250m was het duidelijk, het ging tussen Argo en ons. Met nog 750m te gaan, werd het close. Het zuur zat tot aan onze oren, net zoals de adrenaline, en we gingen de laatste 500m in. Ik keek naar links, en Argo was ingelopen, ze lagen voor. No. Way. “Bouwen, NU!”. We waren er zo dichtbij, die laatste 500m was van ons, dat blik was van ons. De laatste 250m, kijkend naar links het was nog niet genoeg, ze lagen voor. Dit was het dan: hoofd uit. Benen áán. “ALLES!”. We vlogen, elke haal ging harder, moest harder, het was zo close, de laatste 10 halen hebben we het tempo omhoog geknald en zo kwamen we met tempo 40 de finish over *UH! UH!*. Was het genoeg? Het móést genoeg zijn, die eindsprint moest het hebben gedaan. Toen de vier aan de kant begon te gillen, wisten we het zeker: wij hadden gewonnen! Nog dubbel geklapt van ellende, begon het besef dan toch eindelijk door te dringen. We mochten naar het erevlot ons blik ophalen! En man wat was het een mooie race! Met een euforisch gevoel roeiden we naar het erevlot, waar elke Sauriër aanwezig ons juichend stond op te wachten: heerlijk!
Ook nu komt de adrenaline van de wedstrijd weer naar boven, maar ook het besef dat we er nog niet zijn. Dat 2de blik moet nog binnen gehaald worden en we zijn weer samen met de 4 hard aan het trainen om onze doelen te bereiken, zodat we op de Slot met zijn allen kunnen zeggen: “We did it!”. Dus Martini here we come!

Liefs,
TJD ‘14

Reacties zijn alleen zichtbaar voor ingelogde leden